Marten Mees (Rotterdam, 24 oktober 1828 – Gorssel, 7 februari 1917) was een Nederlands bankier, kassier en makelaar in assurantiën.

Marten Mees was een zoon van Rudolf Adriaan Mees, kassier, en Maria Elisabeth Adriana Ackersdijk. Hij volgde het Erasmiaans Gymnasium en in 1848 ging hij studeren in Utrecht waar hij op 20 mei 1854 magna cum laude promoveerde op De assecuratione in salvam navigationem quae dicitur.

Hij trad toe tot het familiebedrijf “R. Mees & Zoonen”, de latere bank Mees & Hope.

Marten Mees was een maatschappelijk bewogen ondernemer die onder andere een rol speelde bij de oprichting van ‘Het Onderling Crediet’, waardoor zwakkeren in de samenleving ook krediet konden krijgen.

Samen met de koopman Lodewijk Pincoffs behoorde Marten Mees tot de kern van een groep zakenlieden die veel initiatieven in Rotterdam ontplooiden. Ze stonden aan de wieg van de Rotterdamsche Bank, welke uiteindelijk op zou gaan in ABN AMRO, maar bijvoorbeeld ook van de Holland-Amerika Lijn. Ook bij een andere voorganger van deze bank, de Amsterdamsche Bank, was Marten Mees betrokken.

De tragische deconfiture van Pincoffs imperium bracht velen in Rotterdam financieel aan de rand van de afgrond. Voor Mees, die zeer betrokken was bij dit drama, betekende deze tragedie een grote tegenslag die hem op de rand van een bankroet bracht.