Hendrika (Henriëtte) Willebeek le Mair (Rotterdam, 23 april 1889 – Den Haag, 15 maart 1966) was een illustrator van vooral kinderboeken.

Bij haar geboorte werd “Henriëtte” ingeschreven als Hendrika le Mair. Blijkens een aantekening op haar geboorteakte is haar, bij Koninklijk Besluit van 2 oktober 1953, nr. 4, toestemming verleend haar geslachtsnaam te wijzigen van “Le Mair” in “Willebeek le Mair”.

Het eerste door haar geïllustreerde boek, Premières rondes enfantines werd gepubliceerd toen ze pas 15 was. Hoewel ze slechts een relatief beperkt aantal boeken illustreerde wordt haar werk gerekend tot de klassieken. Een deel van de boeken die zij illustreerde is momenteel nog steeds verkrijgbaar

Willebeek le Mair groeide op in een kunstzinnig gezin. Haar vader was een koopman in granen, die niet alleen tekende maar ook muziekavonden en tentoonstellingen organiseerde in Rotterdam. Hierdoor kwamen verschillende artiesten bij het gezin logeren en behoorden Rik en Henriette Roland Holst tot de kennissenkring. Willebeek le Mair kwam onder meer in contact met de componist Julius Röntgen en de acteur Willem Royaards.

Vorming en werk

Willebeek le Mair tekende al op jonge leeftijd. Ze pas 15 toen het eerste door haar geïllustreerde boek, Premières rondes enfantines van de Zwitserse muziekpedagoog Emile Jaques Dalcroze, werd gepubliceerd. Ze had toen nog geen tekenles gevolgd. Pas na haar twintigste kreeg Willebeek le Mair twee jaar (1909-1911) les van Alexander van Maasdijk en van Dirk Ezerman in perspectief. Haar voorbeeld werd het werk van de Franse kunstenaar Maurice Boutet de Monvel, die haar gedurende tien lessen verder vormde.

Ook in Engeland en Amerika verschenen de kinderboeken die zij illustreerde. De Engelse pers was lovend over Willebeek le Mair, men vond haar een moderne Kate Greenaway. In zijn “Geschiedenis der Nederlandsche caricatuur” (1929) Cornelis Veth de stijl en de geest van Willebeek le Mair: “[…] het guitige en vermakelijke in haar kinderfiguurtjes, correct dansende paartjes in directoirecostuum en boertjes en boerinnetjes in miniatuur; en de kleur waarmee zij karakteriseert en die bij haar fris blijft in het gedistingeerde.”

Willebeek le Mair illustreerde niet alleen kinderboeken. Ze was veelzijdiger. Ze tekende ook Oosterse onderwerpen en een serie Christmas Carol, en maakte enkele tekeningen naar Inayat Khan.

In WOI ontwierp en voerde muurschilderingen uit voor het Juliana kinderziekenhuis. Ook maakte zij zes panelen in olieverf voor de speelkamer van het schip “ss Patria” van de Rotterdamsche Lloyd, alsmede glas-in-loodramen en drie reliëfs in gekleurde kalksteen voor de kinderkapel in het Limburgse Asselt.

Niet-westerse talen en culturen

In de jaren tien reisde Willebeek le Mair onder meer naar Canada, de USA en Marokko, waar ze met haar vader zeven maanden tekende. Door de reizen ging zij zich interesseren voor niet-westerse talen en culturen. Ze leerde Sanskriet, Urdú en Perzisch, en maakte kennis met het hindoeïsme en boeddhisme. In 1949-1950 maakte zij een reis door India.

Soefi-beweging

In 1921 sloot ze zich aan bij de Soefi-beweging. Daardoor leerde ze Hubertus Paulus baron van Tuijll van Serooskerken (1883-1958) kennen, die kort daarvoor was gescheiden van Johanna Clasina Jelgersma, leidster van de Soefi-tempel te Utrecht en dochter van de Leidse hoogleraar psychiatrie Gerbrandus Jelgersma (1859-1942), de grondlegger van de Jelgersmakliniek te Oegstgeest.

Op 2 februari 1922 trouwde Willebeek le Mair te Rotterdam met Van Tuijll van Serooskerken. De Soefinaam van Willebeek le Mair was Saida, die van haar echtgenoot was Sidar.

Kort na het huwelijk verhuisde het echtpaar naar Katwijk en korte tijd later, in december 1923, naar Den Haag. Bij hun huis in Den Haag werd een zaal voor de Soefi-beweging gebouwd. Van Tuijll van Serooskerken, leider van de Soefi-beweging in Nederland, preekte er. Willebeek le Mair was eveneens leidster van die beweging.

De Internationale Soefi Beweging is in 1917 bij statuut opgericht te Londen op initiatief van de Indiase muzikant en mysticus Hazrat Inayat Khan (1882-1927) teneinde de denkbeelden van het Universeel Soefisme uit te dragen. Tijdens zijn verblijf in Nederland ontmoette Inayat onder meer Hubertus Paulus baron van Tuijll van Serooskerken.

Willebeek le Mair was zeer onder de indruk van de persoonlijkheid van Hazrat Inayat Khan en diens leringen. In 1930 maakte zij de 20 kleurenillustraties voor het boek “De bloementuin van Inayat Khan” en koos de teksten van Inayat Khan erbij uit. Het boek getuigt van haar grote toewijding aan haar leraar en zijn leerlingen.