De Franse republikeinse kalender, een kalendersysteem, ontworpen door de wiskundige Charles-Gilbert Romme en de schrijver, acteur en dichter Fabre d’Églantine, werd ingevoerd tijdens de Franse revolutie als gevolg van de scheiding van kerk en staat.

De tijd werd niet langer vanaf de geboorte van Christus gerekend, maar vanaf 22 september 1792, de geboorte van de eerste Franse republiek.

De kalender, ook aangeduid met de termen Franse revolutionaire kalender en Jakobijnse kalender, was van 5 oktober of 24 oktober 1793 tot 1 januari 1806 officieel in gebruik.

Na de annexatie van de Oostenrijkse Nederlanden door Frankrijk (1795), werd ook daar de republikeinse kalender ingevoerd : in de burgerlijke stand vanaf 17 juni 1796, en algemeen verplicht vanaf 3 april 1798.

Maanden

Het jaar, zoals ook gebruikelijk in het oude Egypte, was opgedeeld in 12 maanden van 30 dagen. Iedere maand herinnert aan een kenmerk van het klimaat in Frankrijk.

Herfstmaanden

  • Vendémiaire (wijnmaand: september/oktober)
  • Brumaire (mist of nevelmaand: oktober/november)
  • Frimaire (vorstmaand: november/december)

Wintermaanden

  • Nivôse (sneeuwmaand: december/januari)
  • Pluviôse (regenmaand: januari/februari)
  • Ventôse (windmaand: februari/maart)

Lentemaanden

  • Germinal (groeimaand: maart/april)
  • Floréal (bloeimaand: april/mei)
  • Prairial (grasmaand: mei/juni)

Zomermaanden

  • Messidor (oogstmaand: juni/juli)
  • Thermidor (warmtemaand: juli/augustus)
  • Fructidor (vruchtmaand: augustus/september)

Dagen van de decade

In plaats van in weken, was iedere maand opgedeeld in drie perioden van 10 dagen (decades). De weekdagen (zondag, maandag, enz) werden vervangen door tien namen die gebaseerd waren op de telwoorden in het Latijn:

  1. Primidi
  2. Duodi
  3. Tridi
  4. Quartidi
  5. Quintidi
  6. Sextidi
  7. Septidi
  8. Octidi
  9. Nonidi
  10. Decadi

Om het jaar vol te maken, kwamen er vijf of zes speciale dagen bij. Deze dagen heetten “jours sansculottides”. Zij behoorden tot geen enkele maand, telden niet mee bij renteberekening en dergelijke.

  1. Jour de la vertu – Dag van de deugd
  2. Jour du génie – Dag van het vernuft
  3. Jour du travail – Dag van de arbeid
  4. Jour de l’opinion – Dag van de meningsuiting
  5. Jour des récompenses – Dag van de beloning
  6. Jour de la révolution – Revolutiedag (schrikkeldag)

Verloop

Na de val van Robespierre in juli 1794 gingen er stemmen op om de kalender af te schaffen, maar in 1795 werd de kalender in de nieuwe grondwet opgenomen.

In de meest vergaande versie werd elke dag verdeeld in 10 uur van elk 100 minuten van elk 100 seconden, maar dit werd al gauw weer teruggedraaid.

In april 1798 werd de vermelding van de Gregoriaanse kalender officieel verboden. In 1800 nam de druk op het weer toelaten van de Gregoriaanse kalender toe. In 1802 werd de tiendaagse week door de zevendaagse vervangen. Deze hybride vorm bleef nog drie jaar bestaan.

Op 10 Nivôse van het jaar XIV (31 december 1805) werd het systeem afgeschaft. Op 1 januari 1806 ging men opnieuw over op de Gregoriaanse kalender